De planeten buiten de baan van Saturnus

 

23.6

bladzijde 6 van 12

 

Een eerste algemene verkenning

 

Saturnus als scharnier

Het algemene beeld is dat de antieke planeten staan voor uitvoering en beweging, terwijl de planeten buiten de baan van Saturnus de onderliggende spanning genereren waar de beweging uit voortkomt. In het scharnierpunt tussen beide gebieden staat Saturnus. Met zijn éénpuntigheid en concentratie realiseert deze planeetkwaliteit tenslotte ook in onszelf het doorgangspunt van de ene bewustzijnstoestand naar de andere. (13.8)

De uitwerking van de transsaturnale planeten manifesteert zich dus als spanning en potentie, of anders gezegd, als de "drive" die achter de uitvoering zit.

 

Grotere intensiteit

Zo komt door de uitschakeling van het indammende Ik de grotere intensiteit van de transsaturnale planeten te voorschijn als de potentie die nu voluit kan doorkomen

1. waarmee het resultaat massaal of collectief wordt.

2. waardoor een ander aanzicht van de werkelijkheid zich kan tonen. Dit laatste leidt onder andere ook tot een ander Ik-besef.

In beide gevallen is er sprake van een verheviging van de werking van de aardse tweelingbroer, hetzij als zeer heftige uiting, hetzij als een terugval in, of verheffing naar een andere dimensie.

 

Nog niet ontdekte planeten

Daar zich in het veld van het Ik zes antieke planeten bevinden, worden er daarbuiten ook zes grote tegenhangers verondersteld. Hiervan zijn er al langere tijd drie bekend, namelijk Uranus, Neptunus en Pluto. Als uitvergrote edities van hun antieke broertjes is hun werking goed herkenbaar. Nader onderzoek en het opdoen van veel ervaring kunnen uitwijzen of de recent ontdekte planeet Eris, als vierde in die rij kan gelden.

 

De literatuur

Een uitgebreide beschrijving van de planeetbetekenissen achter de baan van Saturnus is in ieder goed handboek te vinden, evenals in de vele cursussen die in omloop zijn. Meestal wordt daarbij het objectieve of collectieve veld als referentie genomen. Th.J.J.Ram (*) beschrijft de transsaturnale planeten ook vanuit de theosofie, C.J.Snijders (*) geeft een toelichting vanuit de mythologie en A.E.Thierens (*) legt naast zijn theosofische benadering ook een verbinding met de grote Arcana van de Tarot. Naast het vele dat hierover ook door Jan Bakker en Hans Cosman werd geschreven (*) wil ik in dit verband ook de boeken van Robert Hand, Steven Forest en Bil Tierney noemen (*). Ikzelf zal hierna volstaan met de beschrijving van enkele kernbegrippen van de drie transsaturnale planeten.

 

 

Tot zover deze algemene verkenning

 

 

literatuurlijst, onderwerpen per pagina, woordenlijst, afbeeldingen,

tabellen en schema's, blauw gemarkeerde teksten, forum